Deze tekst is een bewerking van een column die Richard Engelfriet uitsprak tijdens een webinar van Studium Generale van Saxion Hogescholen op dinsdag 20 april 2021 te Deventer.
Er moet mij iets van het hart. Als mensen praten over onze democratie, hoor je een hoop doemdenken. Er zou een enorme kloof zijn tussen politiek en burger. Onze politici zouden losgeslagen zijn van de werkelijkheid en uitsluitend als baantjesjagende elite hun eigen belang voorop stellen.
Lieve mensen, ik ben het daar niet mee eens. Volgens mij heeft onze democratie nog nooit zo goed gefunctioneerd als nu. En natuurlijk hoef je niet ziek te zijn om beter te worden. Laten we vooral kijken hoe we onze democratie kunnen verbeteren. Maar laten we dat doen vanuit trots en niet vanuit wantrouwen en doemdenken. Wie achterom durft te kijken, ziet dat onze democratie door de jaren heen alleen maar beter is geworden.
Waar is die kloof?
Laten we eens beginnen met dat enorme cliché dat er een kloof zou zijn tussen politiek en burger. Als er al een kloof is, dan is die op dit moment het kleinst. Want vroeger waren politici sigarenrokende notabelen die je als gewone burger niet kon bereiken, nu vind je met twee muisklikken de emailadressen en 06-nummers van alle raadsleden van Deventer, keurig verzameld in een pdfje.
En dat geldt niet alleen voor Deventer: alle politici zijn beter benaderbaar dan vroeger. Kent u verkiezingsdebatten uit de jaren zestig waar burgers hun ongenoegen over de premier direct in zijn gezicht tegen de beste man mochten uiten? Daarnaast geldt dat er nu veel meer inspraakmogelijkheden zijn. En zelfs voor de cynici die dan gelijk roepen dat daar ‘toch niets mee wordt gedaan’ heb ik goed nieuws: ook de mogelijkheden om bezwaar te maken zijn sterk verbeterd in de afgelopen vijftig jaar.
Wie zich verdiept in de geschiedenis, ziet overwegend verbetering
Wie eenmaal achterom durft te kijken, ziet zoveel verbetering. Zo zijn onze politici diverser dan twintig jaar geleden, spreken ze vaker heldere taal en nemen ze hun vak serieuzer. Vergeet niet dat het tot ruim in de jaren zeventig normaal was om het stevig op een zuipen te zetten in de Tweede Kamer. Minister Fons van der Stee bestelde in de jaren tachtig bij de bode regelmatig een ‘potje thee’ waar cognac in zat.
Maar natuurlijk, ik hoor u al zeggen hoe schandalig het is dat we een premier hebben met een selectief geheugen. Toch is dat klein bier vergeleken met de Lockheed-affaire, waar de man van ons toenmalige staatshoofd corrupt bleek te zijn. Diverse Kamerleden kregen steekpenningen aangeboden in ruil voor hun stem. En waar Rutte een motie van afkeuring aan zijn broek kreeg, hoefde Prins Bernard geen functie elders te zoeken.
Afijn. Wie zich een beetje verdiept in de geschiedenis, haalt opgelucht adem en ziet overwegend verbetering. Stel bijvoorbeeld dat u op dit moment bang bent dat de huidige politiek te ‘gefragmenteerd’ is met 17 partijen die 150 zetels verdelen in de Tweede Kamer. Dan herinner ik u graag aan het feit dat er in 1933 maar liefst 14 partijen in de Tweede Kamer zaten, inclusief allerlei splinterpartijtjes, terwijl die Tweede Kamer toen slechts 100 zetels telde.
Weer andere doemdenkers noemen ons politieke klimaat ‘instabiel’. Ook dat is aantoonbaar onjuist. Tussen 1960 en 1975 wisselde Nederland maar liefst zeven keer van premier. Kabinetten vielen in die tijd sneller en vaker dan dat schaatser Ard Schenk olympisch goud won.
Al die vooruitgang betekent natuurlijk niet dat alles goed gaat. Bij de toeslagenaffaire zijn duizenden gezinnen vermorzeld door instituties. Een grof schandaal. Maar gelukkig hebben wij politici als Pieter Omtzigt en Renske Leijten. En wie van mening is dat het allemaal veel te lang heeft geduurd voor die affaire aan het licht kwam: het duurde maar liefst 7 jaar voor het kabinet zijn conclusies trok naar aanleiding van de rol van Nederland in de afschuwelijke massamoord in Srebrenica. En we hadden tussen 1874 en 1901 ruim 25 jaar nodig om kinderarbeid af te schaffen.
Dagvoorzitters schuiven elkaar ook baantjes toe
Laten we trouwens ook eens stoppen met dat eeuwige verwijt dat politici elkaar ‘de baantjes toeschuiven’. Alsof dat zo’n wereldvreemd verschijnsel is. Schilders doen dat ook. Aannemers, journalisten en vakkenvullers. En dagvoorzitters.
Maar wat ik helemaal lachwekkend vind, zijn mensen die stellen dat onze democratie in gevaar is en op omvallen staat. Wie dat denkt, moet voor de gein eens kijken naar de uitslag van de verkiezingen in 1935. Toen stemde 12,77% van de kiezers op partijen die zich uitdrukkelijk tegen de parlementaire democratie keerden en deze zo snel mogelijk wilden afschaffen. Ik ken op dit momenteel geen enkele partij die in zijn verkiezingsprogramma de afschaffing van de parlementaire democratie heeft staan. Laat staan dat zo’n partij steun krijgt van 1 op de 8 Nederlanders.
En dat brengt me bij het laatste argument waarom het hartstikke goed gaat met onze democratie: de opkomst en uitslag van de verkiezingen. Ruim 80 procent van de kiezers bracht zijn stem uit op 17 maart jl. Dat percentage is al jaren stabiel. En waar we in het verleden wel eens regeringspartijen hadden die 20 zetels verloren na de verkiezingen, was nu de grootste verandering een toename van 6 zeteltjes voor een oppositiepartij. Je maakt mij niet wijs dat we dan in een land leven waar ‘we’ ons grote zorgen moeten maken over het functioneren van de democratie.
Dankbaar dat er mensen zijn die voor ons het land besturen
Laten we dus dankbaar zijn dat wij nog altijd zoveel dappere politici hebben. Mensen die dag in, dag uit hun privéleven opofferen voor een beter Nederland. Hardwerkende mensen die ondanks bedreigingen en scheldpartijen iedere dag voor ons aan het werk gaan.
En het kan dus nóg beter! Laten we vooral kijken hoe dat zou kunnen. Maar laten we elkaar niet onnodig de put in praten. Voor de Nederlandse democratie geldt: vroeger was alles slechter.
Lang leve de vooruitgang van de Nederlandse democratie!
Rubrieken
Gerelateerde artikelen
Studium Generale over datalekken: die zijn al lang geen ver-van-je-bed-show meer
Afgelopen zomer schudde het datalek bij het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker Nederland wakker. Vorige maand was het opnieuw raak: miljoenen Nederlanders werden slachtoffer van een hack bij Odido. Tijdens een Studium Generale-bijeenkomst werd verslaggever Sterre Woddema extra duidelijk dat datalekken en hacks allang geen ver-van-haar-bedshow meer zijn.
Fotoserie: Bijzonder schouwspel van menselijke en robotacrobaat tijdens lunchpauze in Enschede
Hij moest qua aandacht concurreren met nacho’s die werden uitgedeeld bij de kantine, maar toch gingen de bewonderende blikken vandaag tijdens de lunchpauze volop naar Daniel Simu. Al trok zijn bijzondere metgezel nog veel meer de aandacht: omdat hij niemand had om mee te trainen, bouwde de circusartiest zijn eigen trainingspartner: een robotacrobaat.
Nieuw schooljaar, nieuw cultureel seizoen: Studium Generale is niet bang voor de polemiek, maar wil ook wijzer maken
Van genocide tot schuld, trauma, een robotacrobaat, heftige hormonen en de macht van de technologie op je telefoon. Studium Generale wil ook dit studiejaar weer programma’s maken die het gesprek aanjagen, maar tegelijkertijd studenten verleiden met maatschappelijke onderwerpen die dichtbij hen staan. Ze zijn daarbij niet bang voor de polemiek, zeggen programmamakers Saskia Zwolle en Britt Krabbe. “En als we nog een blinde vlek hebben, dan horen we dat ook graag.”