In deze klas blijven de schermen uit: ‘Nu ik oplet, heb ik veel meer vrije tijd’

Ze druppelen binnen in het lokaal en beginnen met elkaar te kletsen, deze eerstejaars Social Work. En dat is best uniek, in een tijd waarin we zo snel mogelijk in onze laptop of telefoon duiken. In deze klas is de afspraak: geen schermen, of in ieder geval zo weinig mogelijk. De studenten in deze ‘high focus’-klas zijn (bijna allemaal) positief: “Nu ik oplet in de klas heb ik veel meer vrije tijd over.”

Voor een boomer, zoals ondergetekende, ziet het er allemaal niet zo bijzonder uit. De studenten komen het lokaal binnen, ze praten met elkaar en met de docent. Ze verwonderen zich over de aanwezige journalist en bedenken of ze wel of niet iets willen zeggen. “Zonder mijn naam dan?”

Voor de foto is Anna Heinemeijer even naar buiten gestapt. Daar hoeft ze niet op. Maar praten, dat wil ze best, ook met naam en toenaam. Ze koos bewust voor deze klas, toen ze de mogelijkheid kreeg om zich hiervoor in te schrijven. “Ik kom van het mbo en heb bijna niks aan mijn school gedaan”, zegt ze. “In ieder geval niet óp school, want daar was ik met van alles behalve de lesstof bezig. Nu let ik wel op en heb ik ineens veel meer vrije tijd.”

Ze merkt dat ze, zonder schermen maar met pen en papier, de stof veel beter kan onthouden. “En dat is wel echt fijn, want ik ben supersnel afgeleid”, zegt ze. “Zeker als het me niet meteen interesseerde.” Daarom gaat ze bij hoorcolleges, waar alle eerstejaars Social Work samenkomen, nu het liefste bij haar eigen groepje zitten, voorin. “Zo weinig mogelijk afleiding.”

Helemaal klaar mee

Het is een groot contrast met hoe heel veel andere lessen gaan. Dan worden de laptops opengeklapt, of duiken de studenten in een scherm. Docente Eveline Kroes-Dijkdrenth was er hélemaal klaar mee. De lol in het lesgeven was tot onder het vriespunt gezakt, zeker na de ‘rampklas’ van vorig jaar. Die klas was niet vooruit te branden, een grote mond als je er wat van zei bovendien, aldus de docente.

Foto's: Marlene Mahn

En wat een verschil is dat nu. Om 10.15 uur zijn de meeste studenten, een groep van zo’n 16 studenten, binnen voor Professionele Ontwikkeling. Een paar komen later, maar die zijn al wel op school gesignaleerd, laat een student haar docent weten.

Als de les begint lijkt het allemaal wat chaotisch, voor een buitenstaander althans. Een groot deel was niet aanwezig bij een door de studievereniging georganiseerd sportevenement dat bedoeld was om alle eerstejaars met elkaar te verbinden. Maar die ook verplicht was. Ze moeten een vervangende opdracht doen. Maar is dat eigenlijk wel eerlijk? Discussie.

Verbinding

Dat gaat eigenlijk de hele tijd zo door. Maar wat ook opvalt: er gebeurt iets in deze les. Studenten vertellen elkaar wat ze wel en niet normaal vinden. Ze argumenteren. Bieden elkaar hulp aan. En dat is zeldzaam, zegt Kroes-Dijkdrenth. “Ik kom in deze les eigenlijk niet toe aan wat ik van plan was, maar dat is juist goed”, zegt ze. “Die tekst lezen of documentaire kijken kunnen ze buiten de les ook. We maken in deze les juist weer verbinding met elkaar.”

Puck Beekman merkt wat de schermloze klas haar brengt. De 26-jarige is al tien jaar niet naar school geweest, ging op haar 16e aan het werk in de keuken en kampte met eetproblemen, die ze overwon bij Imani, een holistische kliniek in Kaapstad. Ook heeft ze ADHD. “Toen deze klas als mogelijkheid voorbijkwam wist ik: dit is echt iets voor mij”, zegt ze. “Dit moest gewoon zo zijn”. 

Ze leeft op in deze klas, zegt ze. Ze kan de aandacht erbij houden, en het helpt dat ze een duidelijk doel voor ogen heeft: behandelaar worden in de kliniek die haar het leven redde, zoals ze het zegt. “Mijn eerste stage kan ik in Kaapstad gaan lopen. Ik wil graag mensen helpen.”

‘Computer werkt perfect voor mij’

Maar niet iedereen is helemaal gelukkig in deze klas. Om te kunnen beginnen had Kroes-Dijkdrenth 16 studenten nodig, en dat aantal haalde ze niet. Megan Ranft is één van de studenten die werd toegevoegd aan de klas, zonder zich daarvoor aan te melden. Ze is met haar 17 jaar één van de jongste van de klas en komt van de havo – en zag deze schermloze klas helemaal niet zitten. “Mijn ouders hebben nog bezwaar gemaakt”, zegt ze.

Maar dat hielp niet. Dus zit ze ook in deze klas. Is het sentiment na een maand studie bijgedraaid? “Nee, helemaal niet”, zegt ze. “Ik ben het gewend om op de computer te werken, en dat werkt perfect voor mij.” Ze is perfectionistisch, geeft ze aan. “Als ik op de laptop werk heb ik alles meteen netjes, en op de goede plek. Nu moet ik het werk dubbelop doen, alle aantekeningen overschrijven en ordenen.”

Als het goed is blijft het voor haar tot één jaar beperkt. Ze begon op het vwo en is van plan om haar propedeuse te halen en verder te studeren aan de universiteit.

Gemotiveerde klas

Tycho Brandsma is al nieuwsgierig of deze aanpak een groot effect gaat hebben. Hij studeerde eerder Creative Media and Game Technologies, maar stopte daarmee. “Wat ik vooral fijn vind is dat dit een heel gemotiveerde klas is”, zegt hij. Hij vindt het een voordeel dat de groep relatief klein is, want bij andere werkcolleges zit je met twee groepen bij elkaar. “Dus er is veel aandacht.”

Ondertussen zijn de studenten bezig. Op hun laptop. Ze zoeken naar informatie. Helemaal zonder schermen is de klas dus niet. “We gebruiken de laptop wel, maar alleen als dat nodig is of toegevoegde waarde heeft”, aldus Kroes-Dijkdrenth. Maar de afspraak is dus; geen social media en niet tussendoor shoppen.

Gaat deze klas het nu beter doen dan andere klassen? De docente heeft geen twijfel: “Ik denk dat deze klas het heel goed gaat doen”, zegt ze. “Doordat we steeds echt contact hebben, kan ik zien hoe ze er individueel voor staan. Snappen ze theorie, of nog niet? In andere klassen heb je geen idee, want je hebt nauwelijks verbinding. In deze klas zie ik wie op de goede weg zit, en wie nog een beetje ondersteuning nodig heeft.”

UvA-opleiding verbiedt laptops, telefoons en tablets

Studenten Interdisciplinaire Sociale Wetenschap aan de Universiteit van Amsterdam mogen geen laptops, telefoons en tablets gebruiken tijdens colleges. Het verbod moet de concentratie bevorderen. Tijdens het onderwijs kunnen studenten aantekeningen met pen en papier maken. "60 tot 80 procent van de studenten is tijdens colleges met digitale apparatuur andere dingen aan het doen dan luisteren", zegt Cyrilein Evertsen, universitair hoofddocent van de opleiding tegen de NOS. "Of dat online shoppen is of via Instagram dingen naar elkaar doorsturen. Ze waren mentaal niet aanwezig bij dat college en bij de stof."

rik

Rik Visschedijk