Elçin Çoraklar

Column: Gebruik je stem

Elçin Çoraklar is niet alleen eerstejaars creative business-student, maar werkt sinds kort ook bij een meubelzaak. Daar vraagt haar baas om haar Turkse naam niet vermelden bij het contact met een klant. “Dat komt misschien raar over.”

Op de vroege maandagochtend komt mijn baas langs om wat dingen te bespreken voor de nieuwe website. We hebben het over de nieuwe artikelen die op de site moeten komen. Ondertussen onderhandel ik met een klant over een kast op Marktplaats. “Vind je het erg als ik mijn naam onder de berichten en e-mails zet? Of zal ik het gewoon houden bij de bedrijfsnaam?”, vraag ik mijn baas, terwijl ik een bericht naar de klant typ.

Hij kijkt op en zegt: “Hou het maar bij de bedrijfsnaam, het zou raar overkomen als mensen een Turkse naam zien.”

Ik stop met typen. Ik ben sprakeloos en probeer me te realiseren wat mijn baas nou eigenlijk zei. “Hoezo?”, vraag ik, terwijl ik nog steeds naar mijn laptop tuur. “Je weet wel, als ze een buitenlandse naam zien kan het zijn dat ze er niks mee te maken willen hebben”, antwoordt hij.

Ik voel me zo machteloos en als ik bedenk dat het waar kan zijn wat hij zegt, doen zijn woorden pijn. “Ik bedoel het niet gemeen, ik wil alleen zeggen dat er zulke mensen bestaan.” In mijn ooghoeken zie ik hem glimlachen, onschuldig zo lijkt het. Ik kijk hem aan en zeg niks. Ik tik verder en sluit het bericht af met alleen de bedrijfsnaam, niet mijn eigen naam.

Zijn woorden spoken de hele dag door mijn hoofd. Het is niet de eerste keer dat ik hoor dat mijn naam iets doet met mensen. Ik weet ook dat als ik een Nederlandse naam had dat mijn leven in Nederland makkelijker zou zijn. Mijn cv zou vaker bekeken worden en ik zou sneller aan een stage of baan komen.

Ik geloof dat mijn baas en veel anderen geen kwade bedoelingen hebben met dit soort uitspraken. Ik zie het als een gevalletje van onwetendheid en naïviteit. Het is de harde realiteit dat stelselmatig racisme al decennialang bestaat. En dat sommige mensen dit niet willen zien betekent niet dat ik het moet accepteren.

De volgende dag bel ik mijn baas en vertel hem dat ik het jammer vond dat hij zo denkt over het vermelden van mijn naam. “Als je moeite hebt bij het zien van een buitenlandse naam, of denkt dat je klanten kwijt zult raken als mensen mijn naam lezen, is het beter als je werkt met iemand waarvan de naam mensen niet afschrikt”, zeg ik hem.

Ik hoor hem diep ademen. “Je hebt gelijk”, zegt hij. Daar heb je het dan, het einde van mijn korte carrière als e-commerce-medewerker. “Zet je naam er maar bij. Als ik klanten kwijtraak omdat ze niet tegen jouw naam kunnen, dan is dat maar zo. Ik vind dat je een mooie naam hebt”, zegt hij. Mijn mond valt open. Deze reactie had ik totaal niet verwacht.

Wat ik van deze opmerking leerde, is dat het belangrijk is je stem te laten horen als iets jou niet bevalt. Hoor je een opmerking, grap of hint over je afkomst of persoonlijkheid: trek je bek los! Zeg er wat van. Geloof me: het is niet altijd makkelijk om te zeggen hoe iets jou laat voelen, maar het is wel de enige manier om ervoor te zorgen dat zoiets anderen niet overkomt.

Elçin Çoraklar

Elçin Çoraklar

Gerelateerde artikelen

Yanin Kasemsinsup in Opgevallen: “I am teaching the subject I was the worst at”

In this episode of ‘Opgevallen’: Yanin Kasemsinsup (37), teacher at academy LED. As an eighteen-year-old he moved from Thailand to the Netherlands to study at Saxion, now he teaches among his own former teachers. He has lived in the Netherlands for almost twenty years, where, according to him, the weather is bad, the food not tasty and the language difficult. Still, he likes it here: “The education here is good and the people are friendly.”

Yanin Kasemsinsup in Opgevallen: “Ik geef les in het vak waar ik het slechtste in was”

In deze aflevering van Opgevallen: Yanin Kasemsinsup (37), docent bij de academie LED. Als achttienjarige verhuisde hij van Thailand naar Nederland om te studeren op Saxion, nu geeft hij les tussen zijn eigen oud-docenten. Hij woont al bijna twintig jaar in Nederland, waar volgens hem het weer slecht is, het eten niet lekker en de taal moeilijk. Toch vindt hij het hier fijn: “De educatie is hier goed en de mensen zijn vriendelijk.”

Onderwijsminister Dijkgraaf: “Instellingen zijn verantwoordelijk voor het bewaken van journalistieke onafhankelijkheid”

Onafhankelijke journalistiek en persvrijheid zijn een groot goed, juist binnen het academische debat, vindt demissionair minister Dijkgraaf. In een vergadering van de Kamercommissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zei hij dinsdag dat instellingen in het hoger onderwijs verantwoordelijk zijn voor het bewaken van journalistieke onafhankelijkheid. “Daar spreek ik besturen van hogescholen en universiteiten expliciet op aan.”