Kennen jullie die ene SpongeBob-aflevering waar we een kijkje in het hoofd van de altijd schreeuwende tekenfilmspons krijgen? In zijn brein is het complete chaos en zie je allemaal mini-SpongeBobjes in blinde paniek rondrennen, terwijl alles in brand staat. Zo ziet mijn brein er volgens mij uit wanneer ik stress.
Ik stress niet snel, sterker nog, ik probeer soms zelf stress te kweken, zodat ik daadwerkelijk dingen gedaan krijg. Vriendinnen lachen me erom uit. Zij vinden het hilarisch als ik een paniekmoment ervaar. Eigen schuld, dikke bult, of zoiets.
Maar juist omdat dat stress en drukte constante factoren in mijn leven zijn, merk ik soms niet dat ik me anders ga gedragen. Diezelfde vrienden moeten me daar dan vaak op wijzen. Soms, heel soms, bevliegt een moment van besef me: ik ben aan het stressen.
Dat is dan meestal wanneer ik iemand afsnauw. Ik word kribbig en een beetje gemeen. Ik ratel en krijg mijn gedachten niet op een rijtje wanneer ik stress. Dus als jij toevallig bij mij in de buurt bent en mij probeert te helpen (don’t try), dan ben je de pineut. Alsof jij er iets aan kan doen dat ik een stressaanval heb. Ik weet ook wel dat jij er niets aan kan doen en jij weet dat ook, maar dat snauwen is gewoon niet nodig.
Na zo’n moment van besef, terwijl ik nagelbijtend aan mijn ringen zit de pielen, denk ik vaak: ‘Oké Max, alles komt goed. Vanavond schenk je een wijntje in en ga je ontspannen en lekker op tijd slapen. Alles. Komt. Goed.’
Drie keer raden waar ik dan aan denk als ik in bed lig? Juist. Dat het niet goed gaat komen. Klaarwakker schuif ik van zij naar rug en van buik naar foetushouding. Niets werkt. Dat gedraai lijkt juist averechts te werken, de meest bijzondere gedachten worden getriggerd, zoals ‘Hoe zou het voelen om vast te zitten in een achtbaan? Betaalt de Efteling goed? Moet ik misschien mascotte worden?. Maar ik heb helemaal niks met kinderen.
Wanneer ik na twee uur nog niet kan slapen, pak ik meestal mijn laptop. Ga maar tikken, ga maar schrijven, misschien ben je dan nog nuttig, denk ik dan.
Op YouTube zoek ik regengeluidjes, in de hoop dat het ritmische getik me helpt de slaap te vatten. En eindelijk, éindélíjk, lijkt het alsof al die brandende schreeuwsponsjes in mijn hoofd worden geblust. Ze klokken uit, lopen weg, en ik heb rust. Tot de volgende deadline.
Maxime Gokoelsing (21) is vierdejaars student creative business
Gerelateerde artikelen
Facility Management bestaat 50 jaar: ‘Wij waren de eerste met deze opleiding’
Wat in 1976 ooit begon als Toegepaste Huishoudwetenschappen groeide in 50 jaar door naar Facility Management. Dus viert de opleiding dit jaar een feestje, maar wel op een manier ‘die past bij een ‘tijd vol bezuinigingen’. In die 50 jaar veranderde een hoop voor de opleiding en haar studenten, zegt opleidingsmanager Dicky van der Plas. “Toen we hier mee begonnen waren er nog helemaal geen computers.”
Column: Epy Drost
In een mededeling op mijnsaxion liet ons College van Bestuur bijna terloops weten dat er een onderzoek komt naar de mogelijkheden het Epy Drost-gebouw in Enschede af te stoten door verkoop of verhuur. Een bericht dat nogal een verrassing was voor de honderden mensen die in dat gebouw werken.
Asle Lubbers ontfermt zich over in auto opgesloten hond; maar een bedankje zit er niet in
Asle Lubbers heeft net haar eindgesprek gehad voor de deeltijdstudie Integrale Veiligheidskunde, als ze vanuit haar auto de kop van een hond omhoog ziet komen in de auto ernaast. Ze belt de politie, die de ruit intikt om de hond te bevrijden. De eigenaresse van de hond verschijnt ook, maar is lijkt zich van geen kwaad bewust. “Vindt u dit zelf niet erg dan?”