Column: Internationalisering

De Nederlandse hogescholen hebben een voorstel ingediend voor zelfregie op de instroom van het aantal internationale studenten. Dit is een vlucht naar voren, om te voorkomen dat de klaarliggende wetgeving van demissionair minister Dijkgraaf daadwerkelijk wordt ingevoerd.

Zoals elke bedrijfstak doen hogescholen, en universiteiten, veel liever aan zelfregulering dan dat ze gedwongen worden met wetgeving. Net als andere bedrijfstakken is het natuurlijk ook wel afwachten of de instellingen zich in de praktijk aan hun beloftes gaan houden.

Het beperken van de instroom van internationale studenten hangt al jaren in de lucht. Hoewel er verschillende op zich legitieme redenen genoemd worden in de discussies - het gebrek aan huisvesting, de teloorgang van het Nederlands als wetenschapstaal, het gebrek aan toegankelijkheid voor Nederlandse studenten die het Engels niet zo goed beheersen - is het primair een financiële kwestie.

Studenten uit de Europese Unie - en dat is driekwart van de internationals - betalen hetzelfde collegegeld als Nederlanders (en hebben nu ook weer recht op studiefinanciering). Maar aangezien het collegegeld op geen stukken na kostendekkend is, worden deze studenten praktisch gezien fors gesubsidieerd door de Nederlandse staat.

Dat zou geen probleem zijn als er ongeveer evenveel Nederlandse studenten naar het buitenland gingen als er hier binnenkomen, dan kun je de kosten immers tegen elkaar wegstrepen. Dat is echter niet het geval: die verhouding is ongeveer één Nederlandse student in het buitenland versus zeven buitenlandse studenten hier.

De hoofdreden daarvoor is dat er vrijwel geen land ter wereld is dat zoveel Engelstalige bachelor en masteropleidingen aanbiedt als Nederland - overigens vooral bij de universiteiten - met uitzondering van natuurlijk de Engelstalige wereld, waar de collegegelden doorgaans veel hoger liggen.

Verrijking

Ik vind internationale studenten een verrijking van onze hogeschool en studeren in het buitenland een uitstekende manier om je horizon te verbreden. Ik heb het zelf gedaan, en moedig studenten er ook altijd toe aan. Maar laten we eerlijk zijn: lesgeven (of les krijgen) in een andere taal is zeker niet voor iedereen weggelegd.

Het is nog geen jaar geleden dat ik bij de opstart van een groot project aanwezig was, en de presenterende docent in kwestie in het Engels vroeg of er internationals waren. Toen dat het geval bleek, stelde hij dat hij zijn verhaal in het Nederlands ging houden omdat zijn Engels niet zo goed was, en dat ze maar aan een buurman moesten vragen het simultaan voor hen te vertalen. De aanwezige internationale studenten bleven in verbijstering achter. Ook dit is onderdeel van de praktijk voor internationale studenten, en het is niet fraai.

Het is dus best verstandig dat hogescholen inzetten op behoud van het bestaande (ongeveer 9% van de HBO-studenten is international) en het beperken van verdere groei. Omdat de politiek dat wil, maar ook omdat er grenzen zijn aan wat je als hogeschool aankunt.

Toch ben ik benieuwd of het standhoudt. Juist voor hogescholen die de komende jaren te maken hebben met krimp - Saxion bijvoorbeeld - is het wel erg verleidelijk om lokale studentenkrimp te compenseren met buitenlandse instroom. In het laatste strategisch plan van Saxion, dat toegegeven nog uit 2020 stamt, wordt expliciet de mogelijkheid genoemd om nieuwe Engelstalige opleidingen te beginnen om nieuwe internationale studenten binnen te halen.

Dus ik hoop dat we in de toekomst internationale studenten blijven zien voor wat ze zijn: jonge mensen die bij ons iets moois komen halen én iets moois kunnen brengen, en niet als puur economisch product. Dat is natuurlijk een prachtig sentiment van me, dus ik hoop dat een medestudent deze column even voor ze kan vertalen.

 

CELZ210622-9126.jpg

Frank Futselaar

Frank Futselaar is docent Integrale Veiligheidskunde en voormalig Tweede Kamerlid. Trouw schreef ooit over hem dat hij opvallend veel humor heeft voor een SP’er.