studenten

Commentaar: Fooi

De maximaal 1436 euro compensatie voor de ‘pechgeneratie’ die de basisbeurs miste is een fooi, betoogt hoofdredacteur Rik Visschedijk. Daarbij ligt de nadruk te veel op presteren, en we zouden jonge mensen niet met een hoge schuld het werkende leven in moeten sturen.

‘Let op! Geld lenen kost geld’, zo klinkt de verplichte slogan in reclames voor leningen. Die waarschuwing gold niet voor je studielening: die stond op 0 procent. Gold, want per januari dit jaar betaal je wel rente over je opgebouwde studieschuld: 0,46 procent voor studenten van het hbo en de universiteit, 1,78 procent voor mbo-studenten. Naast de waarschuwing ‘Geld lenen kost geld’, is het natuurlijk sowieso verstandig om je zo min mogelijk in de schulden te steken. De schuld moet immers altijd afgelost worden.

Maar voor dat gezonde verstand was in het leenstelsel geen plek. Er zijn enorme schulden opgebouwd door de studenten, vooral sinds in 2015 de basisbeurs is afgeschaft. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) berekent een gemiddelde studieschuld van 15,9 duizend euro, en ook het aantal mensen met een hoge studieschuld stijgt. Zo hadden afgelopen jaar bijna 300 duizend mensen minimaal 30 duizend euro studieschuld, 180 duizend meer dan in 2015. Een schuld van meer dan 50 duizend euro? Ruim 100 duizend mensen kijken daar tegenaan.

Kritiek

Geen wonder dat er forse kritiek kwam op het afschaffen van de basisbeurs in 2015. Nu keert die beurs naar alle waarschijnlijkheid terug, komend collegejaar. De ‘generatie’ studenten daartussen kregen een gevleugelde naam: pechgeneratie. En zij hebben wéér pech: de compensatie die zij krijgen omdat ze de basisbeurs misliepen staat vast: op maximaal 1436 euro. Dat is de compensatie voor vier jaar op eigen kosten studeren, ongeacht je nu een studieschuld hebt of niet.

Studentenorganisaties voeren al maanden campagne om de compensatie, die door de overheid liever een ‘tegemoetkoming’ wordt genoemd, op te krikken. Want eigenlijk willen ze volledige compensatie voor deze groep van meer dan een miljoen studenten. Helaas voor hen: dat zit er niet in. Er is 1 miljard vrijgemaakt voor de pechgeneratie en dan kom je tot de som: max 1436 euro voor vier studiejaren.

Komend collegejaar ben je beter af, áls je dan nog studeert. Dan begint een nieuwe versie van de basisbeurs: woon je op kamers dan krijg je 274,90 euro per maand, blijf je thuis dan is dat 110,30 euro. En je krijgt er als uitwonende student waarschijnlijk zo’n 165 euro erbij, vanwege de sterk gestegen kosten voor energie en boodschappen. Dit is een tijdelijke tegemoetkoming.

De pechgeneratie heeft het nakijken. Ja, je kunt straks een bedrag in mindering op je schuld of op je rekening verwachten. Maar dat bedrag is niet meer dan een fooi voor de investering die deze groep studenten heeft gedaan in de eigen toekomst. Een groot deel ervan zit met een torenhoge schuld.

Belofte

Daarbij is de grote belofte van het leenstelsel dat de miljoenen die niet uitgegeven worden aan studiebeurzen naar de kwaliteit van het onderwijs gaan (en zo dus weer bij de studenten terecht komen). Het is maar zeer de vraag in hoeverre de pechgeneratie van die investeringen profiteerde – er zit immers tijd tussen het bedenken, plannen en uiteindelijk doorvoeren van die verbeteringen. En dan was er nog de coronatijd, waarbij het alle zeilen bijzetten was om überhaupt (online) onderwijs te verzorgen.

Steeds meer komen we, als maatschappij en als individu, tot de conclusie dat het helemaal niet goed of gezond is om altijd maar ‘aan te staan’. Er is meer in het leven dan presteren en altijd boven jezelf uitstijgen. Daarmee was de invoering van de ‘prestatiebeurs’ in 1996 al een gotspe: ja, je kunt geld krijgen voor je studie, maar je moet die wel afronden (presteren). Lukt dat niet, dan is de beurs geen gift, maar een schuld.

De pechgeneratie had zelfs die kans niet. Vanaf dag één van de studie was duidelijk: iedere betaling van het DUO moet je 1-op-1 terugbetalen, en daar kwam nog rente bij. En studievertraging telt daar onverbiddelijk bovenop. Dit rigoureuze keurslijf hadden we als maatschappij nooit mogen opleggen aan jongvolwassenen, laat staan dat we ze het werkende leven insturen met een schuld van tienduizenden euro’s.  

rik

Rik Visschedijk